Sterftekanscriterium
Een periodieke uitkering moet voldoen aan de eis dat de reeks uitkeringen mede afhangt van een 'onzeker voorval' .
Het is voldoende dat de sterftekans van de begunstigde gemeten over de looptijd van de uitkering ten minste ca. 1 procent is op basis van de dan geldende sterftestatistieken (de 1%-eis). Deze sterftestatistieken worden elke vijf jaar aangepast.
Ter oriëntatie volgt hierna een tabel op leeftijd met de minimale looptijd van een periodieke uitkering die thans voldoet aan de 1%-eis.
| Leeftijd | Minimale Looptijd | |
| Mannen | Vrouwen | |
| 40 jaar | 71 maanden | 84 maanden |
| 45 jaar | 47 maanden | 56 maanden |
| 50 jaar | 31 maanden | 40 maanden |
| 55 jaar | 20 maanden | 28 maanden |
| 60 jaar | 13 maanden | 20 maanden |
| 65 jaar | 8 maanden | 13 maanden |
